Jaarthema 2021/22: "Bezieling" Jaarthema 2021/22: "Bezieling"
Of het vorige week een Prinsjesdag is geweest vol bezieling? Over een goed uur begint de Koning aan zijn troonrede, daar kan ik niet op wachten, de kopij moet ingeleverd. Wel kan ik schrijven dat mevrouw Von der Leyen woensdag 15 september jl. in haar jaarlijkse State of the Union veel sprak over de ‘Europese ziel’ maar dat het desondanks in haar eigen toespraak tevergeefs zoeken was naar een ‘ziel’. Haar weinig bezielde rede voor de bijeen verzamelde Europarlementariërs, zo noteerde de krant, wilde maar niet stralen … Het is blijkbaar wat van mevrouw Von der Leyen wordt verwacht: een toespraak die bezielt? Eens te meer, wat voor toespraak moet Mark Rutte de Koning doen uitspreken om ons weer eens bezielt te krijgen?


Bezieling veronderstelt dat het mogelijk is, mensen bezielen. En het veronderstelt evenzo de aanwezigheid van een ziel? Of is het slechts een manier van zeggen? De ziel bestaat minstens in woord en beeldspraak. ‘Sinds het overlijden van vader is het huis zonder ziel’ of ‘sinds moeder er niet meer is zijn we een gezin zonder ziel’. Daar staat ziel voor de persoon die is weggevallen. En in ons zelf? Zit er ergens in ons een ziel? Anders nog: is er ergens in ons iets te lokaliseren en aan te wijzen dat leeg is en bezielt kan worden? Pas als er door een ander op getrapt wordt weet je dat er zoiets is als een ziel? Of is dit slechts een spel met woorden? Het hinderde Coen Verbraak niet om zijn veelbekeken interviewserie ‘Kijken in de ziel’ te maken en de helaas te vroeg overleden hoogleraar psychiatrie Frank Zitman publiceerde, indachtig dr. Okke Zielknijper uit de Heer Bommelstrip, zijn mooie boek ‘Knijpen in de ziel’ waarin hij onder andere de vraag stelt of dat nu wel of niet mogelijk is.

Hoe dan ook, in het taalgebruik is de ziel aanwezig. Afgelopen zomer sprak men zelfs over de Olympische Spelen als een evenement zonder ziel. En onze eigen gemeente? Was vanwege de lockdown en de tegelijk plaatsgevonden overgang van Het Kruispunt, goed gevuld, naar de gerestaureerde Dorpskerk, overwegend lange tijd bijna leeg, plots de ziel uit de gemeente? En zo ja, waar is die dan gebleven? Ergens te ruste in ons zelf, zij/hij hoeft slechts aangeblazen dan wel wakker geschud? Hebben de predikanten soms het jaarthema ‘Bezieling’ bedacht om het boeltje weer (meer) tot leven te wekken? Volgens mij hebben we er zo niet met elkaar over gesproken. Maar het had wel gekund, ik bedoel, de predikant is immers van alles en nog wat, theoloog, voorganger, pastor, en dus tevens uw eigen ‘zielzorger’?

Wat mij betreft gaat het bij ziel en bezieling over de binnenkant van ons bestaan. Onze ziel als de binnenkamer waar we goed voor moeten zorgen. Het is de geschonken ruimte waarin het stil kan zijn, stil genoeg om gasten te ontvangen. Bij Augustinus is de ziel voortdurend in gesprek met God en met verwante zielen. Wat zouden we zijn zonder een innerlijk leven, een leven waarin je stil kunt zijn, kunt mijmeren over het bestaan, kunt rondstruinen in de beloften die ons vanuit het evangelie zijn aangereikt. Wat ik zelf altijd weer een mooie uitdrukking vind is wat staat geschreven in een vers in het oude Liedboek, daar wordt aangeraden onze ziel te ‘stofferen’ (gezang 441 vers 5, in het huidige Liedboek lied 799 maar dan zonder het betreffende vers). Het doet mij denken aan de befaamde gedichtenbundel van Hans Lodeizen, ‘Het innerlijk behang’, en al heeft het bij Lodeizen een andere betekenis, ik vind het een mooi beeld en ik zie, bijvoorbeeld, mijzelf mijn ziel zorgvuldig volhangen met teksten, woorden en beelden die mij lief en dierbaar zijn, twee linker handen natuurlijk maar dat geeft niks, zijn ziel behangen & stofferen kan iedereen die tijd genoeg neemt om de stilte binnen te gaan en zijn eigen ‘bibliotheek van het hart’ te delen met de Eeuwige.

Daar in dat innerlijk van ons gebeurt het. Daar weet een mens zich aangesproken, geraakt, genodigd, verleid, geroepen, tot leven gewekt, aangespoord. Zo wordt gaandeweg meer en meer geleerd wat barmhartigheid is, mededogen, engagement, toewijding. Zonder bewogen innerlijk geen inspiratie die zal beklijven. Mevrouw Von der Leyen sprak ongetwijfeld woorden waarvan zij vond dat ze moesten worden uitgesproken maar alom werd gehoord, gevoeld en ervaren dat het slechts (!) woorden waren. Er zat geen leven in. Misschien had ze slecht geslapen, misschien waren het niet haar eigen woorden, misschien had ze die woorden zich niet eigen gemaakt en op zichzelf veroverd om ze te spreken vanuit haar ziel, haar hart, misschien. En inmiddels weet u hoe het is gegaan op Prinsjesdag …

En onze eigen gemeente? Wachten wij op bezieling? Meer dan anders? Anders dan anders? Is de gemeente ons tot een ‘bezield verband’ waarin we ons thuis weten? Het is de Geest van God die bezielt, dat is al zo vanaf het ‘in den beginne’ en dat is vandaag de dag niet anders. Tot welke onverwachte verrassingen kan dat leiden? Zowel voor onszelf als voor ons als gemeente tezamen? Kortom, dan gaan we mooie tijden tegemoet?! Ik teken er voor …, of, beter nog, ik bid er om. In de hoop en het vertrouwen dat het waar is wat Huub Oosterhuis ooit onder woorden bracht: God zelf is de ziel van mijn gebeden (Lied 942). Koninklijker dan dit kan het toch zeker niet gezegd, zowel voor onszelf & de gemeente als voor ‘politiek Den Haag’?

ds. Willem de Boer

 
terug